hier gratis downloaden
Ook in het Musée d'Art Contemporain in Lyon, in de Galleria d'Arte Moderna e Contemporanea in Bergamo en in het Fondació Joan Miró in Barcelona
Gaude
Succurrere Vitae is een tentoonstelling die de tekeningen en de films van Jan
Fabre samenbrengt. Tekenen is voor Fabre even noodzakelijk als ademen. Hij
tekent elke dag. Niet louter als studie voor zijn ander beeldend werk of zijn theaterwerk, maar als
een uitlaat voor zijn niet aflatende gedachtestroom.
In de
kunstgeschiedenis wordt de tekening vaak benaderd als schets, een studie,
een voorloper van het echte werk. Niet zo bij Fabre. Hij heeft de tekening
geëmancipeerd. Bij Fabre is de tekening een autonoom werk dat een volledig
zelfstandige plaats inneemt in zijn oeuvre.* Soms zijn de tekeningen
een verkenning van ideeën die in later werk terugkomen, maar even vaak
zijn het reflecties op vroeger werk of gewoon kunstwerken die op zichzelf
staan. Ook de thematiek van de tekeningen is dezelfde die we doorheen het oeuvre terugvinden: het lichaam als laboratorium, de kever als krijger, de metamorfose, de
dialoog tussen leven en dood.
De tekeningen komen meestal tot stand in reeksen. Fabre tekent met uiteenlopende materialen: potlood, bic en chinese inkt, maar ook met lichaamsvochten als tranen, bloed en sperma. Op die manier komt het lichaam expliciet naar voor in de tekeningen, en maakt van de tekeningen meer dan twee dimensionale objecten. De band tussen afbeelding en afgebeelde vernauwt en verdubbelt tegelijk. "Een tekening is een lichaam met een neus en oren" in de woorden van Jan Fabre. Fabre benadert het lichaam, en meer algemeen, het menselijke bestaan, als iets dynamisch, als iets dat ontsloten moet worden en dat zich moet ontwikkelen. Daar slaat ook de titel van de tentoonstelling op: Gaude Succurrere Vitae, ofwel: 'verheug u het leven te hulp te komen'. Dat is precies wat de poëtische verbeelding van Fabres werk doet. Dat lichamelijk verband komt ook naar voren in de performances waarin bepaalde tekeningen tot stand komen. In de serie 'My body, my blood, my landscape' tapt Jan Fabre zijn eigen bloed af, om er daarna mee te tekenen. Of de 'Ilad Of The Bic Art' tekeningen, waarvoor Fabre zich 3 dagen lang opsloot in een witte ruimte, met witte meubels en een blauwe bic. Tekeningen worden zo bij Fabre drie dimensionele objecten. Het worden sculpturen, met een voor en een achterkant.
In de tentoonstelling komen ook de films van Fabre aan bod. Filmen is tekenen met licht. En zo zien de meeste films er ook uit. In "Ik, Prometheus die zich van zijn eigen tekenmateriaal voorziet" steekt een man in totale duisternis een lucifer aan en laat die volledig opbranden. In "Zelfmoord?" zien we de jonge Fabre russische roullette spelen. Steeds opnieuw brengt hij het pistool naar zijn hoofd. Net zoals in de tekeningen wordt de beweging uitgelicht. Ook de herhaling is van zeer groot belang. Na verloop van tijd begint de herhalende beweging betekenissen op te stapelen, zin te accumuleren. Voor Fabre is herhaling visueel gestructureerde zichtbare tijd. Tijd wordt op die manier zelf een reflecterend oppervlak.**
Gaude
Succurrere Vitae vond plaats in het S.M.A.K. in Gent tijdens het najaar van 2002;; de Galleria di Arte Moderna e Contemporanea GAMEC, Bergamo, 2003; Fundacio Joan Miro, Barcelona, 2003; en het Musée d'Art Contemporain, Lyon, 2004.




